dinsdag 4 november 2014

W.F. Hermans is geen teddybeer


Van links naar rechts mijn gasten: Bert Boekschoten, Margarethe Nauta en Willem Otterspeer (Hermans-biograaf). Afgelopen zaterdag, Het Grote Gebeuren. Ons onderwerp van gesprek was: Hermans liefde voor Groningen, waarbij ik mij wilde concentreren op de vriendschappen. Bert gooide gelijk de knuppel in het hoenderhok door te zeggen dat hij geen vriend van Hermans genoemd kon worden want Hermans had geen vrienden. Dit was volgens hem ook totaal in overeenstemming met het wereldbeeld dat in zijn boeken naar voren kwam. Otterspeer was het hier mee eens. De enige die dit bestreed was Margarethe. Zij had werkelijke vriendschap gevoeld en kon zich totaal niet vinden in het beeld dat door Otterspeer van Hermans geschetst werd: een man die niet werkelijk tot vriendschap in staat was en achter je rug om vreselijke dingen over je zei. Ze had een aantal mooie anekdotes uit de tijd dat zij, Lolle, Emmy en Wim intensief met elkaar omgingen waaronder die van het werkbezoek aan een seksclub (zie Onder Professoren) waaruit Hermans al snel wegvlucht omdat een boertje hem herkend heeft.
En hoe zat het nu met Hermans en Groningen? Bert Boekschoten dacht dat Hermans niet gelukkig was geweest in Groningen maar dat was hij nergens, ook niet in Parijs, ook niet in Brussel. Maar wie echt ongelukkig in Groningen was, was Hermans vrouw Emmy. Zij was de vrouw van een lector, maakte dus geen deel uit van de club van professoren-vrouwen. Daarbij was ze kleurling en in de gesloten provinciestad die Groningen toen nog was, was dat blijkbaar een reden om er niet helemaal bij te horen. Otterspeer benadrukte nog maar eens dat Hermans zijn beste werk in Groningen heeft geschreven. En Bert Boekschoten wees mij terecht toen ik een in zijn ogen te altruïstisch en naïef beeld van Hermans schetste want ik moest van Hermans geen aaibare teddybeer maken, dat was hij niet! Maar Groningen moest trots zijn op het feit dat een zo grote schrijver hier geleefd en gewerkt had. Waar bleef dat standbeeld! Biograaf Otterspeer kwam uiteindelijk nog met een nieuwtje (maar Nick ter Wal wist dit al uit de briefwisseling van Hermans en Gust Gils). Hermans experimenteerde met marihuana en lsd. Lsd werd onder laboratoriumomstandigheden ingenomen maar Hermans voelde niets omdat zijn blokkades te groot waren. Apart, want op gegeven moment ga je toch voor de bijl lijkt me.
Nog meer? Wat mij bevreemde is dat Otterspeer zei dat hij bij het schrijven van de biografie uitging van het werk van de schrijver. Natuurlijk ken je de boeken maar juist door al het andere materiaal, ego-documenten, kun je toch een geheel andere kijk krijgen op de persoon zelf. Dan zie je misschien een wat onbeholpen, verlegen en soms opvliegende man die enorm hartelijk en warm kon zijn. Misschien een kwetsbare man, die zich moest wapenen tegen het leven, om zich heen moest slaan om zich een weg te banen, muren moest slechten om te komen waar hij wilde, een man die in wezen zachtaardig en moedig was. Zo ziet Margarethe Nauta dat, zo zag Freddy de Vree het.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen